Verslag bijeenkomst 16 januari 2014

Vierlingsbeek, door Toon Michiels  

Wim van Boekel stelt zijn koekoeksklok af.

De opkomst was met twintig van de tweeëndertig leden weer goed. En na de gebruikelijke opening door dhr. Wetzels  gaf deze een foto presentatie van het bezoek aan het Comtoisemuseum van Bernd Deckert in Düsseldorf. Hierna ging men over naar het hoofd thema van de avond ”Koekoeksklokken”. René gaf vooraf  nog een mooie inleiding over het ontstaan van deze klokken. Daarna  kwamen de bijzondere ”Beha” koekoeksklokken van  Wim van Boekel aan bod. Wim is een fervente verzamelaar van deze, kwalitatief zeer goede klokken.  Het verdere aanbod van de door andere leden meegebrachte klokken was variërend, en verrassend groot!  Vooral het schitterende torenuurwerk van Bert Willems trok al bij binnenkomst de aandacht. In de pauze kreeg iedereen een Nieuwjaars borrel aangeboden, en kon men toosten op het Nieuwe jaar onder toeziend oog van de Nieuwjaars- of voorjaar vogel zoals de koekoek ook wel wordt genoemd.

Kunststof en een stalen spijker.

Het torenuurwerk na val !

Al doende leert men, zou je kunnen zeggen, maar een trauma blijft het voor wat Bert Willems op de bijeenkomst overkwam.  Zijn prachtig op schaal gebouwde torenuurwerk viel bij binnenkomst door de bodem van een  kunststof krat van een dubieus merk. Het deed iedereen pijn, om het  te horen en te zien.  Je weet meteen hoe laat het is, en men denkt alleen of de schade te overzien is!  Zover  Bert het ter plekke kon beoordelen wel, maar ik weet uit ervaring dat het als een trauma blijft hangen. Zelf dacht ik aan het moment dat ik twee klokken had verkocht aan, dhr. Noud van M. in Vortum- Mullem.  Een Duitse staande en een comtoise klok. Na de staande klok geplaatst te hebben vroeg ik waar de comtoise moest hangen, Hier,zei Noud van M., en wees een staalspijker in de hal aan. Nou meneer van M. dat denk ik niet, zei ik. Hoezo niet, zei Noud, omdat die staalspijker dat niet kan hebben, antwoorden ik. Oo, nee! zei Noud en hij ging zowaar aan de spijker hangen! Hang maar op zei Noud, op jouw kosten antwoordde ik. Pats, tingeling, en daar lag mijn mooie klok, die nog niet betaald was. We keken elkaar aan, nadat ik de klok van de grond optilde en de schade in een oogwenk had opgenomen, en!, zei Noud, is er nog wat van te maken.  De geëmailleerde  wijzerplaat was in ieder geval nog heel, maar de tandwielen stonden er allen scheef in. Het karkas van het uurwerk zag eruit als een parallellogram.

Bert, vertelt over zijn uurwerk.

Nou, ik kan hem vanavond  repareren en hem morgen weer ophangen. Goed, zei Noud, dan boor ik er een stevige bout in waar je hem aan kunt ophangen. Hij betaalde de klokken, en toen ik naar huis reed dacht ik, dat wordt werken:  as tappen, richten enz. enz. Was ik niet wat voorbarig geweest om te zeggen: morgen loopt hij weer.  Hoe lang ik die avond gewerkt heb weet ik niet meer, maar de volgende dag heb ik hem weer opgehangen, en  ik denk dat ze nog loopt, want er is nooit meer gebeld voor onderhoud of reparatie. Dus Bert een goede klok kan tegen een stootje en ik hoop dat dit voor jouw geen reden zal zijn, om de klok niet mee te nemen naar een volgende bijeenkomst. Want, het is een bijzonder uurwerk en een bijzondere avond, waar menigeen nog aan terug zal denken. Inmiddels is Bert al bezig de schade aan o.a.een tandwiel te herstellen.

Bert Willems legt het een en ander uit, met op de voorgrond de twee Beha klokken.

Gerestaureerde koekoeksklok.

Het gerestaureerde uurwerk van bovenstaande klok.Gerestaureerde koekoeksklok.

Bijna gereed.

Een veel voorkomende koekoeksklok, uit de tweede helft van de 20e eeuw.

Duidelijk zijn de gedeeltelijk kunststof blaasbalgen te zien en het serie uurwerkje.

Beha klokken op de voorgrond

 

 

Niet zomaar ( een) klokkenmaker !

Niet zomaar ( een) klokkenmaker !

Door Toon Michiels, Vierlingsbeek  december 2013

Sjef Cornelissen, Gilze

Het komt wel eens meer voor dat ik een e-mail of telefoontje krijg, met de vraag, of ik interesse heb in een partij klokken of gereedschap.  En dit keer was het van de dochter was van Sjef Cornelissen, klokkenmaker uit Gilze. Haar vader ging verhuizen en het was onmogelijk om zijn gereedschap, onderdelen en klokken die hij nog bezat daarheen mee te nemen. Ze vroeg of ik misschien interesse had voor deze partij!  We maakten een afspraak, en ze kwam met haar man langs, de wagen afgeladen vol. Na de zaak bekeken te hebben kwamen we gezamenlijk tot een prijs, en de handel werd afgeladen. Er zaten enkele mooie zelfgemaakte gereedschappen bij. Daarom vroeg ik of ze wat meer kon vertellen over haar vader. Het was voor mij duidelijk dat het een vakman betrof. Ik stuur wel een mail met wat gegevens over mijn vader vertelde ze.  In die mail stond dat Sjef Cornelissen de zoon was van Toon Cornelissen.

 

Mijn grootvader, schreef ze, Toon Cornelissen uit Gilze, is begonnen als klokken/horlogemaker met daarnaast een fiks aantal bijbaantjes om zijn gezin te eten te kunnen geven. Hij bracht telegrammen rond, was stratenfotograaf (de foto’s werden verkocht als ansichtkaarten), had een groentetuin en maakte meubels voor eigen gebruik. Hij was een precies man en het deed hem pijn dat mijn vader dat niet was.  Opa had zijn zoon graag naar de opleiding voor klokkenmakers in Breda gestuurd, maar er was geen geld en daarom ging mijn vader fietsen maken om te sparen voor de opleiding.

Later ging hij bij Ericsson werken om zich te bekwamen in het fijne werk. Toen er eindelijk geld was om de studie te beginnen kwam de oorlog. Treinstellen werden gebombardeerd en met de fiets naar Breda was geen optie, omdat het veel te gevaarlijk was. Er lag immers een militair vliegveld tussen Gilze en Breda. Opa heeft hem het vak dan maar zelf geleerd. Ze moesten zelf de raderen voor de uurwerken maken, want leveranciers bestonden nog niet.

Na de oorlog begon mijn vader, nog even samen met opa, een winkeltje in de Tuinstraat in Rijen. En al gauw kreeg hij concurrentie van de Firma Hoogland. Mijn vader had geen diploma’s en dat kon problemen op gaan leveren. Hij heeft toen een werkstuk moeten maken en heeft op grond van ervaring en leeftijd alsnog een diploma gekregen.

In september hebben wij afscheid genomen van mijn vader. Hij overleed op 87 jarige leeftijd. Het merendeel van zijn geliefde klokken en gereedschap heeft hij verkocht aan Toon Michiels. Hij vond het moeilijk om er afscheid van  te nemen, maar had er vrede mee toen hij zijn spullen kon overdragen aan een aantal liefhebbers van het oude klokkenmakers ambacht.

Tot zover de gegevens over  en van de familie Cornelissen.

Van de klokken en het gereedschap  die ik had gekocht, zijn de gereedschappen inmiddels bij  een vader en zoon die lid zijn van de klokkengroep Vierlingsbeek. Het zijn  echte liefhebbers en verzamelaars. De oude Friese onderdelen zijn naar een hobbyist in de buurt van Culemborg gegaan. En een van de klokken is bij mijn broer beland.  En de rest!  Ja, daar was helaas geen belangstelling voor en daar heb ik een ”week “ over gedaan om alles te demonteren.

Echter ook van klokken demonteren wordt je wijzer!

Arrondeermachine

Friese klok onderdelen.

Interieur winkel in Gilze

Voor de sloop!

Na de sloop!

Sterrentijd!

Door Toon Michiels 22-december 2013 Als ik in de jaren vijftig van de vorige eeuw bij mijn grootouders van mijn moeders zijde kwam, viel mij altijd het klokje op. Het hing in de kamer en het tikte of zijn leven ervan afhing.  Soms droom ik terug naar de ”tijd” dat het interieur  nog simpel was, een radio kan ik mij zelfs niet herinneren.  Wel wat figuur zaagwerk aan de muur waar lepeltjes en  borden in hingen, natuurlijk ook een pijpenrekje, figuurzagen was in die jaren een geliefde bezigheid. Een kruisbeeld ontbrak ook niet, evenals een rokersstoel, kachel, kast en olielamp met een peer er langs. Als de stroom uitviel konden ze de olielamp toch aansteken. De  geur van pijptabak en sigaretten hing overal  en er lag altijd wel ergens een pakje sigaretten van Full Speed, Bondstreet of  ”Chief Whip op iedere lip”.

In de sigaretten pakjes van Full Speed zaten mooie auto plaatjes, en die lege pakjes daar ging het mij om. Lucifers stonden half open op een kleine console van een Grebbenberg souvenir,  dat aan de muur hing. In de gang een uit hout uitgezaagde molen met een kammen-bakje eronder. Ook stond er altijd een grote vaas met schitterende pauwveren! Later begreep ik pas dat bloemen niet het hele jaar in de tuin geplukt konden worden, en mijn grootmoeder hield toch van wat fleurigs in de vaas. De pauwveren lagen rond de modelboerderij *”de Dompt” waar ook ooit de bekende springruiter **Harry Wouters van den Oudenweijer zijn eerste sprongetjes maakte. En mijn grootouders woonden in een van de arbeiders woningen bij “de Dompt”. Een oom had eens zware brandwonden opgelopen en heeft maanden  met  pauwveren de vliegen van zijn wonden afgehouden omdat hij alleen zijn vingers nog goed kon bewegen. Bezoek was er ook altijd, ze kwamen uit Groesbeek of Duitsland waar respectievelijk mijn grootvader en grootmoeder vandaan kwamen. De gezellige mengeling van Meierij’s, Groesbéék’s en plat Duits blijft nog altijd hangen. Ook de benzine aanstekers en zakmessen waren voor mij mooie dingen. Een toekomstige oom kwam eens met een motor,  en ik mocht er zittend tussen hem en mijn tante een ritje op meemaken. Het ging in mijn beleving hard, zo hard zelfs dat ik dacht dat de bomen langs de weg konden praten.

Mijn oom en grootvader, met de vrachtwagen.

Een belevenis was ook toen een oom met zijn eerste vracht-auto langskwam. Voor het eerst in een auto achter het stuur, waauuuw!!! Zoveel technische instrumenten zag je toentertijd als kleine jongen nog niet zo vaak.  En de plaatjes van de mooiste Buicks, Plymouth, Packard, Dodge enz. in de Full Speed sigarettendoosjes. Dat was wel wat mooier dan de tekeningen van dood en verderf in mijn kerkboek, het is nu het tegenovergestelde!  Het was of de mensen overal de ”tijd” voor namen. Ze lagen rustig in het gras onder een boom met het zakmes in een stok te kerven, of met een poetslap de fiets of motor te poetsen. Waarbij mijn opa vanaf de bank voor het huis toekeek. Koffie of thee drinkend van water uit de pomp met een ijzersmaak,  waar zelf een filmlaagje van olie opdreef, dat alle kleuren van de regenboog had.  En altijd werd die door een zeef ingeschonken. Maar nu terug naar het klokje. Met een zacht zingende kluitketel op de achtergrond vind ik het zaligmakend  als ik alleen met het geluid van mijn klokje ben, af en toe bij de tijd gebracht door een knapperende sterrenregen in de kachel. Het is het moment dat ik echt ”de tijd ” kan voelen. Of zou het zo zijn dat ik gehypnotiseerd word door het monotone getik! Het zou kunnen, zonder dat ik er weet van heb. Ja, dat klokje heb ik natuurlijk niet, maar wel eenzelfde exemplaar voor vijfendertig gulden in 1976 op de kop ‘getikt’ op de Boxmeerse braderie. Nu zevenendertig jaar later kocht ik op marktplaat een blikken doosje van ***Roode Ster, en kreeg dit zes december thuisgestuurd. Of het klokje en doosje vroeger bij zoveel punten van de pijptabak verkregen kon worden  weet ik niet. Het is niet onwaarschijnlijk, aangezien mijn geliefde klokje er juist in past. Het was met Sinterklaas dit jaar weer net als vroeger. Mijn klokje gaat nu met deeltijd- pensioen nadat het altijd heeft gehangen en ik, ik tik rustig door terwijl ik een sterappel eet. En weet je ! Een juiste tik is, als deze valt in de echo van de tik! Toon Michiels, Vierlingsbeek *Modelboerderij “de Domp” in Elsendorp ** Harry Wouters van den Oudenweijer bekend springruiter is de vader van Patrick Wouters    van den Oudenweijer, directeur van TVM schaatsploeg en oprichter –samen met Rintje Ritsma– van de allereerste commerciële schaatsploeg in Nederland (1995).                                                                                                                                                     *** Roode Ster, de bekende pijptabak van Theodorus Niemeyer in Groningen.  Foto’s / tekst                            De “sterrentijd” wordt uitgedrukt in uren, minuten en seconden.

De klokkenbouwers van Oirsbeek.

Door Toon Michiels, Vierlingsbeek 25 maart 2013

Wiel Douven en Jo Pelzer

Met enige regelmaat speur ik net als vele  klokken verzamelaars marktplaats af naar bijzondere klokken. Een advertentie van een groot uurwerk trok mijn aandacht, de verkoop tekst weet ik inmiddels niet meer,  het is dan ook al bijna drie jaar geleden. Na een bedrag geboden te hebben werd uiteindelijk het verschil met de vraagprijs gedeeld.  Mooi, nu nog ophalen, bij  de verkoper in Venray die voor mij onbekend was. Bij het zien van al zijn uurwerken, onderdelen en gereedschap , dacht ik dat is iemand voor onze club. Na de persoon in kwestie de spelregels te hebben uitgelegd, zou hij er over denken. Het uurwerk stond op een uurwerk bok, en mijn eerste vraag was, wie heeft het gemaakt!  Iemand uit Limburg, gaf hij als antwoord, maar ik heb het via de zoon van een overleden klokkenmaker gekocht. Nadat ik thuis het uurwerk uitvoerig had bekeken, wilde ik er toch meer van weten, en belde de verkoper op met de vraag of hij contact met de zoon op kon nemen, om meer gegevens te krijgen over het uurwerk en de maker. Binnen een paar weken kreeg ik het volgende bericht:  *Het  uurwerk is van  A.H.P. v.d. B. uit  Oirsbeek, bij het bericht zaten ook enkele foto’s van deze maker. Door mijn vroegere schaats-handel en hobby’s had ik  in heel Nederland vele contacten, en ook een uit Oirsbeek. Deze schaats enthousiast  was bereid naar familie van deze  persoon te zoeken.

Wiel Douven

Na een kleine week belde hij mij heel enthousiast op dat hij de familie gevonden en gesproken had. Hij gaf mij een telefoon nummer door dat ik kon bellen. Na een paar weken belde ik op, en ja hoor ik was op het juiste adres. Mevrouw v.d. B. vertelde dat haar man was overleden en inderdaad klokken als hobby had gehad. In een kort gesprek over haar man, vertelde ze dat hij veel samen met Jo Pelzer uit Oirsbeek gewerkt had. Ze gaf mij het nummer door van  mevrouw Pelzer uit  Oirsbeek, want die weet er veel meer van, verteld ze. Dus mevr. Pelzer gebeld en die vertelde honderduit over de klokken die haar man had gebouwd. Ook kreeg ik van  haar  het telefoon nummer van Wiel Douven uit Urmond want dat was volgens haar het grote brein achter de klokkenmakers van Oirsbeek. Op de vraag of ik een keer langs kon komen vertelde ze, maak maar eerst met Wiel Douven een afspraak en dan kom je samen met Wiel maar langs, de koffie staat dan klaar.

Toen ik het uurwerk van A. v. d. B. op marktplaats zag, had ik al een vermoeden dat er meer was!  Want als je een 8-daags uurwerk kunt bouwen heb je wat in je mars. Daarom had ik mijn zoektocht ook doorgezet. En na het telefoontje met Mevr.Pelzer werd dat vermoeden al sterker. Maar wat ik aantrof bij Wiel Douven was boven verwachting, Een prachtige Limburgse staande klok, een Luikse meidenklok met wekker, alles zelfgemaakt. Daar bleef het niet bij, ook een torenuurwerk en ontelbare klokken die her en der tot in Amerika hun weg hadden gevonden. Alles zelfmade tot en met de glazen wijzerplaten, die schitterend gesigneerd waren.  Jammer dat ik niet eerder bij Wiel was geweest, toen hij nog in Oirsbeek woonde. Dan had ik nog meer kunnen zien, vertelde hij. Maar goed het komt zoals het komt. Na Wiel zijn  klokken te hebben gefotografeerd toog ik met Wiel, naar mevr. Pelzer in Oirsbeek. Zij ontving ons hartelijk met koffie en appelgebak, natuurlijk zelfgemaakt. In haar woning waar een niet te beschrijven sfeer hing, van zelfgemaakte kunst en klokken. En waar ik mij binnen drie minuten al thuis voelde alsof ik er dagelijks kwam. Waarbij ik natuurlijk alle door Jo, haar man, gemaakte klokken kon bekijken en fotograferen.

Het schilderwerk van de vrouw van Jo Pelzer.

Het bijzondere is ook, het schilderwerk op de diverse klokken, het is namelijk van de hand van Jo Pelzer zijn vrouw. En ondertussen praatte Wiel en mevrouw Pelzer over de tijd dat ze allebei nog klokken bouwden. En ook al was haar man te vroeg overleden, samen konden Wiel en zij ook nu nog  genieten van de gezellig tijd, toen ze samen nog klokken bouwden. Samen!  Maar ja,  sinds Jo overleden is, en Wiel zijn gezondheid het niet meer toelaat komt Wiel ook niet meer aan klokken bouwen toe. Zijn gereedschap enz. staat opgeslagen bij zijn kinderen , en in zijn omgeving vind je natuurlijk ook geen mensen meer die dezelfde hobby uit oefenen. Tja en dan is er geen lol meer aan. Het kwam hem wel gelegen dat ik hem een bezoekje bracht, zodat hij weer eens over klokken kon praten. Wiel en Jo waren in contact gekomen via het vliegeren, wat ze allebei samen op het strand met de kinderen deden als hobby. Ook hebben ze samen het torenuurwerk van de kerk in Oirsbeek gerestaureerd. Dit stamt uit 1921 en is van Eijsbouts uit Asten. Het uurwerk is te bezichtigen in de kerk van Oirsbeek, het staat achter in de kerk. Dat dit uurwerk er nog is, is aan Jo Pelzer te danken, want bij het ombouwen van het uurwerk naar een elektrisch bediend uurwerk vond Jo de verwijderde onderdelen bij het sloopafval. Hij heeft deze steeds bewaard, en een tiental jaren later toen het uurwerk geheel is vervangen redde hij dat ook van de sloop.

Kleindochter op Wiel zijn zelfgebouwde tractor.

Dat Wiel Douven erg handig is blijkt ook uit de auto en tractor die hij gebouwd heeft en waar de kleinkinderen met plezier mee rijden. Het draaibankje van Jo Pelzer en een door Wiel gebouwde tandwiel freesmachine gingen via de zoon van dhr. v.d.B. ook naar ons inmiddels nieuwe clublid. Het uurwerk dat ik nu bezit is voor negentig procent van de hand van Jo Pelzer. Na het overlijden kwam het in bezit van dhr.v.d.B., die er niet meer aan toe kwam om het af te maken. Naast deze klokkenbouwers hebben er in Oirsbeek nog meer klokkenbouwers gewoond.

Want in de ”tijd” van de Bokkenrijders waren er ook al klokkenmakers in Oirsbeek. Bekend is dat Johan Werner Kleinjans, 1752-1812 geboren te Doenrade op 2 december 1752, en zijn zoon  Joannes Arnoldus Kleinjans, geboren te Oirsbeek op 29 oktober 1795 hier als klokkenmaker hebben gewoond. Het is ook wel logisch aangezien tussen Oirsbeek en Doenrade een kasteel staat. En daar in de buurt woonde meestal de ijzerbewerkers als smeden en slotenmakers, die ook klokken bouwden. In het boek ”Limburgse klokken en hun makers” van Dr. P. Th.  Mestrom staan nog meer gegevens over  de klokken die ze bouwden en over andere Limburgse klokkenbouwers.

Wiel bij het torenuurwerk dat hij samen met Jo Pelzer heeft gerestaureerd.

Nummer plaatje

Het nagebouwde toren uurwerk.

Stoelklok van Jo Pelzer.

Van de zijkant gezien.

Comtoise van Jo Pelzer, niet van een oude te onderscheiden!

Schitterend gemaakt.

Het loopwerk

Wiel in zijn zelfgebouwde auto.

Wil Douven Oirsbeek.

Staande klok van Wiel Douven

Detail wijzerplaat

De wijzerplaat

Detail uurwerk Jo Pelzer.

Klok van  Jo Pelzer met de kerk van Oirsbeek als beschildering.

Luikse wekker klok, Jo Pelzer

Luikse wekkerklok Wiel Douven.

Tand”wiel”freesmachine!

Freesmachine met verdeelschijf.

                                                Vragen ?  Mail naar info@maakeenstijd.nl

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Verslag: bezoek Comtoisemuseum van Bernd Deckert in Düsseldorf.

Beste klokkenvrienden,

Het bezoek aan het Comtoisemuseum van Bernd Deckert in Düsseldorf was mooi en interessant. De 8 leden die op donderdagochtend 21 november bij het museum aankwamen werden hartelijk ontvangen door Bernd Beckert. Hij vertelde over het tot stand komen van zijn verzameling van maar liefst 384 Comtoises, bijna allemaal met een bijzonder kenmerk. De mooiste is een Comtoise met bewegende figuren, de zgn. Jacques Mart. Voor foto’s van dit museum kijk eens op http://www.comtoise.de/museumpics.htm

Met dank aan Jan en Tiny van Haandel voor het organiseren van deze excursie!

Het lukt niet meer om dit jaar een bijeenkomst te houden. De eerstvolgende is de Nieuwjaarsbijeenkomst op donderdag 16 januari 2014. Aan de invulling van deze avond wordt nog gewerkt, voorstellen hiervoor zijn zeer welkom.

Ook namens Toon wens ik u gezellige feestdagen en een goed begin van 2014.

Met vriendelijke groet, René.

Venrays museum: demonstratie van Tom Receveur.

Tom Receveur, een van de leden van de Vierlingsbeekse klokkengroep “Maak eens tijd”. geeft een demonstratie over hoe uurwerken en klokken gemaakt en gerepareerd worden. Lees hieronder het artikel daarover uit het Zondag nieuws

Het artikel

“KLOK VAN BRIENEN IN VENRAYS MUSEUM”

staat ook op de site: www.venray.gezien.nl

(Venrays museum:  Eindstraat 8 5801 CR Venray)

Adres: Tom Receveur                                                                                                     Stationsweg 77                                                                                                                         5803 AA Venray                                                                                                                  Tel.: 0478-531650                                                                                                                   e-mail:  t.receveur@home.nl